Artikel   |  maandag 4 april 2016

De veel gestelde vragen rondom Wet DBA


Vanaf 1 mei 2016 treedt de Wet DBA in werking. Deze wet ziet erop toe dat de inzet van zelfstandige professionals door organisaties en/of via intermediairs op de juiste wijze verloopt. Hoofdzakelijk zal er gewerkt gaan worden met (door de Belastingdienst goedgekeurde) model-overeenkomsten, die ten grondslag moeten liggen aan de opdracht die de ZZP’er uitvoert. Daarnaast zal geborgd en gemonitord moeten worden dat de opdracht in de praktijk ook wordt uitgevoerd, conform hetgeen in de overeenkomst en conform de Wet wordt beoogd.

Met de ingang van deze wet vervalt per 1 mei aanstaande de VAR, Verklaring Arbeidsrelatie. Indien de ZZP’er in kwestie in het bezit was van een geldige VAR-WUO of VAR-DGA, dan was u als opdrachtgever gevrijwaard voor afdracht van loonheffingen (loonbelasting/premie volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet) over de inkomsten van de ZZP’er. Deze vrijwaring vervalt dus per 1 mei 2016. Drie van de meest gestelde vragen lichten we hier uit.

Moet ik als opdrachtgever alles vóór 1 mei 2016 geregeld hebben?

Nee, de wet gaat in op 1 mei 2016 en kent een implementatieperiode van één jaar, tot 1 mei 2017. Gedurende deze periode geldt een inspanningsverplichting. Hiermee heeft u als opdrachtgever de plicht om de nieuwe werkwijze die voortvloeit uit de wet te implementeren binnen het gestelde jaar. Denk hierbij aan het selecteren (of indienen) van een door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomst en het in gebruik nemen hiervan bij de inzet van ZZP’ers. Daarnaast dient u beheersmaatregelen te implementeren, waarmee u in de praktijk kunt checken, waarborgen en het liefst ook vastleggen dat de overeenkomst ook wordt uitgevoerd zoals vooraf bedoeld. De Belastingdienst zal in het implementatiejaar wel controleren, maar nog niet handhaven. Bij een eventuele controle zal de Belastingdienst waar mogelijk aangeven wat er nog aangepast dient te worden. Vanaf 1 mei 2017 zal alles ingeregeld moeten zijn en zal de Belastingdienst ook gaan handhaven op de wet.

Wat als de Belastingdienst concludeert dat er sprake is van een dienstbetrekking?

Als de Belastingdienst bij een opdrachtgever vaststelt dat de betreffende arbeidsrelatie een dienstbetrekking is, dan heeft dat fiscale gevolgen. In die situatie is het mogelijk dat de Belastingdienst een naheffingsaanslag loonheffingen oplegt aan de opdrachtgever. De opgelegde loonbelasting/premie volksverzekeringen kan de opdrachtgever/werkgever op de opdrachtnemer verhalen. De werknemersverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) kan de opdrachtgever niet verhalen op de opdrachtnemer. Als blijkt dat er toch sprake is van een dienstbetrekking, dan kan de opdrachtnemer zijn positie als fiscaal ondernemer verliezen. Dit betekent dat hij dan geen recht meer heeft op ondernemersfaciliteiten zoals de zelfstandigenaftrek en de oudedagsreserve.

Waarop gaat de Belastingdienst controleren?

Dit is deels te herleiden uit de artikelen in de diverse modelovereenkomsten. Anderzijds heeft de Belastingdienst een handreiking DBA gepubliceerd met daarin de elementen die van belang zijn voor het beoordelen van de arbeidsrelatie. Hierbij gaat het om de vraag of er sprake is van een (fictief) dienstverband of van een opdracht. Er wordt gekeken naar de verplichting tot persoonlijke arbeid, (werkgevers)gezag en uitbetaling van loon. In relatie tot de Wet DBA wordt bij deze elementen o.a. gekeken naar:

  • Is de ZZP’er vrij zich te laten vervangen en zijn hierover de juiste afspraken gemaakt in de overeenkomst?
  • Is er sprake van gezag in termen van leiding en toezicht vanuit de opdrachtgever? Dit is uitdrukkelijk niet de bedoeling bij de inzet.

Wij kunnen ons voorstellen dat u nog veel meer vragen heeft rondom de wet DBA. De overige meest gestelde vragen rondom deze wet kunt u gratis downloaden via deze link.

Deel deze pagina
Ruud Helmes
Ruud Helmes is programmamanager bij Driessen.
Meer van deze auteur